jouw wetenschapsgids in de hoofdstad

jouw wetenschapsgids in de hoofdstad

Wat ligt er op je lever? CONNECT!

Leverziektes liggen aan de basis van de vijfde belangrijkste doodsoorzaak wereldwijd. Prof. Mathieu Vinken van de Vrije Universiteit Brussel (VUB) doet onderzoek naar bepaalde kanaaltjes in het lichaam, en in het bijzonder in de lever, die geactiveerd worden bij ziekte-gerelateerde processen: zogenaamde hemikanalen. Zijn team onderzoekt of deze kanaaltjes gesloten kunnen worden om op die manier leverziekte tegen te gaan. Voor dit onderzoek kreeg Prof. Vinken de prestigieuze ERC-beurs toegekend. Zijn VUB team werkt daartoe samen met de Universiteit van Sao Paulo in Brazilië (USP).

Hemikanalen

Zoals mensen, communiceren ook de cellen waaruit we bestaan voortdurend met elkaar. Dit gebeurt onder vorm van uitwisseling van chemische signalen die zich voortbewegen van cel tot cel doorheen een netwerk van specifieke kanaaltjes. Hierdoor kunnen zeer doelgerichte effecten op de levenscyclus en functionaliteit van de cellen teweeggebracht worden. Enkele jaren geleden werd in dit verband een nieuw type van die kanaaltjes ontdekt, zogenaamde “hemikanalen” opgebouwd uit twee eiwitten, namelijk connexine en pannexine. Deze hemikanalen blijken voornamelijk geactiveerd te worden tijdens ziekte-gerelateerde processen, zoals het afsterven van cellen en ontstekingsreacties.

_________________________

Als “antigifcentrum” van het lichaam krijgt de lever het vaak zwaar te verduren

_________________________

Gebaseerd op deze waarneming is de hypothese ontstaan dat het sluiten van hemikanalen mogelijks toegepast kan worden als therapeutische strategie. Dit idee vormt de basis van het ERC project getiteld CONNECT (‘connexin and pannexin channels as drug targets and biomarkers in acute and chronic liver disease’) gecoördineerd door Prof. Mathieu Vinken (2014-2019). Zoals de naam al doet vermoeden, wordt hierbij toegespitst op de lever. Als “antigifcentrum” van het lichaam krijgt de lever het inderdaad vaak zwaar te verduren. Het is dan ook niet verwonderlijk dat leverziektes wereldwijd de vijfde belangrijkste doodsoorzaak vormen.
In het CONNECT project wordt daarom nagegaan of het remmen van hemikanalen leverziekte en levertoxiciteit kan tegengaan. Dit project loopt zowel aan de VUB als aan de USP want in 2014 ontving Prof. Mathieu Vinken een “Sao Paulo Excellence Grant” van het onderzoeksagentschap “Fundação de Amparo à Pesquisa do Estado de São Paulo”, te beschouwen als de Braziliaanse tegenhanger van een “ERC Starting Grant”. Dit maakte het mogelijk om ook in Brazilië een eigen team te kunnen oprichten, waar Prof. Mathieu Vinken samen met zijn VUB medewerkers enkele maanden per jaar doorbrengt voor het uitvoeren van experimenten.
De gezamenlijke VUB-USP studies bogen zich tot nu toe over acute leverschade ten gevolge van een overdosis aan de pijnstiller paracetamol, het actieve bestandsdeel in onder andere Dafalgan. De onderzoekers ontdekten dat het sluiten van hemikanalen na overdosering met behulp van specifieke stoffen de leverschade sterk vermindert. Een overdosis paracetamol gaat verder gepaard met een aanzienlijke toename in de productie van bepaalde connexine en pannexine eiwitten, de bouwstenen van hemikanalen, wat dus mogelijks kan aangewend worden voor het opsporen van leverschade. Dit onderzoek werd gepubliceerd in gerenommeerde internationale wetenschappelijke tijdschriften.

Toekomstperspectieven

Momenteel wordt onderzocht of het inhiberen van hemikanalen toegepast kan worden op chronische leverziektes, zoals leververschrompeling en leververvetting. Vooral deze laatste aandoening is een toenemend probleem. Leververvetting is namelijk gelinkt aan obesitas, wat nog steeds een groter probleem wordt wereldwijd. Het CONNECT project opent dus mogelijks nieuwe perspectieven voor de behandeling van deze en andere leverziektes, waarvoor momenteel geen efficiënte klinische therapieën beschikbaar zijn.

_______________________

Het CONNECT project opent in de toekomst mogelijks nieuwe perspectieven voor de behandeling van leverziektes, waarvoor momenteel geen efficiënte klinische therapieën beschikbaar zijn.

________________________