jouw wetenschapsgids in de hoofdstad

jouw wetenschapsgids in de hoofdstad

Getuigenissen: Burgerwetenschappers schijnen een licht op ons crimineel verleden

De ochtend van 25 juni 1709 zou anders uitdraaien dan gewoonlijk voor Lenaert De Witte. Vanuit zijn apotheek in de drukke Steenstraat te Brugge zag hij rond 9 u ’s morgens enige tumult ontstaan aan de overkant van de straat. Enkele buurtbewoners, waaronder de tingieter en de ketelmaker, verzamelden zich aan de ingang van de kelder onder de winkel van de boter- en kaasverkoper. De deur stond er wagenwijd open. In de kelder was het donker en muisstil. Het geroep van de omstaanders naar haar inwoonster, Jeanneke Van Overbeke, bleef onbeantwoord. Gewapend met een kaars drongen de buurtbewoners de donkere kelder binnen. Wat ze aantroffen, tartte elke verbeelding: het dode lichaam van Jeanneke lag in een plas van bloed. Ze had een lelijke wonde aan het hoofd, vermoedelijk aangebracht door een mes of een bajonet. Wat was er gebeurd met deze vrouw die daar al 20 jaar vreedzaam leefde? De Brugse schepenbank, het gerechtelijke college van toen, zond snel twee schepenen ter plaatse om de zaak te onderzoeken.

Getuigenissen, een samenwerking tussen verschillende disciplines aan de Vrije Universiteit Brussel (geschiedenis, taalkunde, criminologie en sociologie), Histories vzw en de Rijksarchieven, wil gerechtelijk onderzoek in de achttiende en negentiende eeuw onder de loep nemen. Daarvoor willen we minstens 10.000 documenten, waarin verhoren van getuigen en verdachten genoteerd werden, verzamelen. Deze handgeschreven teksten liggen verspreid in archieven over heel België. Getuigenissen wil dit authentiek materiaal verzamelen om van a tot z uit te schrijven, ofwel transcriberen, zodat onderzoekers het digitaal kunnen doorzoeken en raadplegen.

Waarom streeft Getuigenissen naar een omvangrijke verzameling van achttiende- en negentiende-eeuwse getuigenverhoren en ondervragingen van verdachten? De moord op Jeanneke Van Overbeke vertelt ons heel wat over de criminele gebeurtenissen in Brugge anno 1709. Wie was het slachtoffer? Wat waren de omstandigheden? Wat werd al dan niet getolereerd in de samenleving van toen? Naast moord, verhalen deze bronnen ook over agressie en geweld tussen buren en familie, brandstichting, diefstal en nog zoveel meer. Het leert ons heel wat meer over het normen- en waardenkader van toen.

Anderzijds bieden dergelijke bronnen inzicht in het dagdagelijkse leven tijdens de achttiende en de negentiende eeuw. We kunnen oneindig veel leren uit deze bronnen, ze zijn dus een goudmijn voor historisch onderzoek. Enkele voorbeelden:

1. De bronnen vertellen in geuren en kleuren over het leven in de stad of streek van toen.

De kleurige en gedetailleerde getuigenissen van apotheker Lenaert en de andere buurtbewoners brengen de gebeurtenissen van 25 juni 1709 tot leven. Het leert ons dat de Steenstraat niet alleen nu, maar ook in 1709 een bedrijvige straat was waar heel wat winkels en ambachten gevestigd waren. Leg de verschillende getuigenverhoren samen en we leren hoe de stedelijke samenleving vorm kreeg. Waren er wijken waar er zich meer criminaliteit voor deed? Welke waren de hotspots voor dieven? Welke kroegen waren oorden van geweld en agressie?

2. De getuigen geven heel wat prijs over achttiende- en negentiende-eeuwse materiële cultuur.

De meeste historische bronnen vertellen ons weinig over de alledaagse zaken in het leven van de achttiende- en negentiende-eeuwers. Deze getuigenissen beschrijven deze aspecten wel. Denk maar aan meubels of attributen in huis. De getuigen beschrijven bijvoorbeeld de ruimte waarin Jeanneke woonde: een donkere kelder met een bed in. Verlichting was alleen mogelijk met een kaars. Wat hadden mensen in hun huizen staan? Wat waren gegeerde goederen om te stelen? Hoe ontstonden branden, en welke goederen waren een gevaar voor brand? Het leert ons alvast hoe onze voorouders leefden.

3. We leren meer over mensen die voor de geschiedenis verborgen blijven.

Dat Jeanneke in een kelder woonde, kan erop wijzen dat ze tot de minder gegoede lagen van de bevolking behoorde. Deze grote groep liet weinig sporen van hun bestaan na. Ze hadden geen eigendommen die voorkwamen in akten, lieten zich niet zien bij de notaris of lieten geschillen amper beslechten in de burgerlijke rechtbank. Criminele bronnen laten deze groep wel rechtstreeks – of onrechtstreeks in het geval van Jeanneke – aan het woord. Dit en nog veel meer komt aan bod in deze verhoren en ondervragingen. Dit maakt hen tot enorm interessante bron, waar onderzoekers heel wat onderzoek kunnen op verrichten.

Ondanks de rijkdom van dit historische materiaal, is onderzoek gebaseerd op basis van deze documenten eerder beperkt. Gerechtelijk archief, van de achttiende-eeuwse schepenbanken of de negentiende-eeuwse correctionele rechtbanken en hoven van assisen, zijn talrijk bewaard gebleven. Toch is de toegang tot dit archief vaak beperkt, omdat het materiaal weinig tot niet geïnventariseerd is. Wie op zoek is naar criminele verhoren die specifiek te maken hebben met één type vergrijp, met een specifieke plaats of een bepaalde onderzoeksgroep, zoekt dus vaak een speld in een hooiberg. Daarnaast vereisen deze bronnen wel enige achtergrond van de gerechtelijke situatie waarin deze historische documenten zijn tot stand gekomen. Een databank met transcripties van deze bronnen is dus al een goede stap in de juiste richting om de rijkdom van verhoren en ondervragingen volledig te ontsluiten.

__________________________________________________________________

” We zijn op zoek naar vrijwilligers die ons helpen om deze authentieke teksten te transcriberen. Ga de uitdaging aan en ga aan de slag met deze historische teksten.

__________________________________________________________________

Wil jij dit rijke criminele historische materiaal ook ontdekken? Dat kan! Wij zijn op zoek naar vrijwilligers die ons helpen om deze authentieke teksten te transcriberen. Ga de uitdaging aan en ga aan de slag met deze historische teksten. Op die manier draag je bij aan onderzoeken die binnen de geschiedenis, sociologie, criminologie en taalkunde gebeuren op basis van dit materiaal. We beginnen alvast met de bronnen uit regio Brugge, later zullen ook onder meer regio Antwerpen betrekken. Wil je meer weten? Volg ons dan op sociale media of bezoek onze website. Daar vind je meer informatie over het project en waar en hoe jij met deze bronnen aan de slag kan.

Getuigenissen

Getuigenissen

Wil jij aan de slag met deze historische teksten? Volg Getuigenissen op sociale media of bezoek onze website. Daar vind je meer informatie over het project en hoe jij kan bijdragen aan historisch onderzoek.

 

Over de auteurs

wouter ryckboschWouter Ryckbosch

Wouter Ryckbosch is docent geschiedenis aan de Vrije Universiteit Brussel en projectverantwoordelijke van Getuigenissen. Hij studeerde middeleeuwse geschiedenis aan de Universiteit Gent en behaalde daarna een doctoraat in de vroegmoderne geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen. Zijn onderzoek focust op lange-termijntrends in inkomens- en vermogensongelijkheid, en de veranderingen in consumptiegedrag tijdens de vroegmoderne periode. Dit bracht hem bij de studie van sociale relaties in het dagdagelijkse leven tijdens het moderniseringsproces in de 18de en de 19de eeuw. Hierover kunnen getuigenverklaringen en ondervragingen van verdachten ons heel wat leren.

ans vervaekeAns Vervaeke

Ans Vervaeke coördineert als post-doc het project Getuigenissen aan de Vrije Universiteit Brussel. Zij studeerde geschiedenis en algemene economie aan de Universiteit Gent. In juni 2018 verdedigde ze haar doctoraat (Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Gent) in de sociale geschiedenis over de toegang en het gebruik van burgerlijke rechtbank in het achttiende-eeuwse Brugse Vrije. Nu focust ze zich op het beter toegankelijk maken van achttiende- en negentiende-eeuwse criminele verhoren en ondervragingen in het project Getuigenissen.

Foto bovenaan: © Ans Vervaeke